Het verscheen in grote letters in alle media. Na de verplichte registratieplicht vorig jaar, sneuvelde in een arrest van het Grondwettelijk Hof deze keer de vrije deelname van 16- en 17-jarigen aan de Europese verkiezingen. Net als de meerderjarige kiezers zijn de 16- en 17-jarigen nu verplicht verplicht om deel te nemen aan de stemming voor de Europese verkiezingen. Het Hof oordeelt dat het verschil in behandeling van de kiezers naargelang zij meerderjarig of minderjarig zijn, niet lijkt te zijn verantwoord door dwingende motieven van algemeen belang.
Het Hof herinnert eraan dat het kiesrecht een fundamenteel politiek recht is in de representatieve democratie en van cruciaal belang is voor het vestigen en het handhaven van de grondslagen van de democratie. Aangezien het verplichte of facultatieve karakter van de deelname aan de stemming een wezenlijk kenmerk van het kiesrecht is, moet een fragmentatie van het kiezerskorps door dwingende motieven van algemeen belang worden verantwoord.
Het Hof leidt uit de parlementaire voorbereiding af dat de wetgever de stemplicht voor 16- en 17-jarigen heeft afgewezen omwille van, enerzijds, de bijzondere rechtspositie van minderjarigen en, anderzijds, de doelstelling om geen ongewenste druk te creëren ten aanzien van deze jongeren, maar te voorzien in een stimulerende overgangsfase van niet-verplichte stemming.
Die verantwoording lijkt volgens het Hof evenwel geen dwingend motief van algemeen belang te vormen dat een verschil in behandeling van de kiezers naargelang zij meerderjarig of minderjarig zijn, kan rechtvaardigen. Het verplichte karakter van de stemming lijkt geen beletsel te vormen voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de wetgever.
